Bestuur.

   

      Cees Lindenberg lichting 82-6.            Gert van den Broek lichting 81-1.             Jaco Bruekers lichting 82-6.

                 Voorzitter                                       penningmeester                                     secretaris  

 Leden.

         

            Hans Ellens 79-1                                 Arno Meeuse 91-5                                Eric Weijgers 86-1                              Martin Kunst 83-1                            Marnix van den Brand 95-7

                                                                 Webmaster en Facebook

             

              Rob Mantje 82-6                                   Adri Hoek 87-2                                 Renzo Burer 93-1                            Winfred van Keulen 95-7                           Martin Hekstra 85-6

 Erelid.  

     

           Ruud Schokker 79-1.

            Grondlegger SRDM

 

Het Wapen der Koninklijke Marechaussee 

De Koninklijke Marechaussee (KMAR) kent een lange traditie die teruggaat tot 26 oktober 1814, toen Koning Willem I het besluit ondertekende tot oprichting van een Corps Maréchaussée. Naast politie in de steden en de Veldwacht was er behoefte aan een centraal aangestuurd Bereden politiekorps met een militaire structuur. De Franse gendarmerie stond model voor deze nieuwe politieorganisatie. Met de verandering van de term 'gendarmerie' in 'marechaussee' drukte Willem I een persoonlijk stempel op het besluit. De vorst besefte dat de benaming gendarmerie, na de Franse overheersing die tot in 1814 voortduurde, beladen was. In de tekst van het eerste artikel van het besluit kreeg De Marechaussee een opdracht die ook vandaag nog in Haar taken doorklinkt: 'Er zal worden opgericht een Corps de Marechaussée, bestemd om de orde te handhaven, de uitvoering der wetten te verzekeren en te waken voor de veiligheid der grenzen en grote wegen.'

 

 

 

 

 

 Uitleg Logo

Het wapen van de Koninklijke Marechaussee is blauw met een springende granaat met gesloten vlam in zwart-wit. Op het schild staat de koninklijke Nederlandse kroon. De granaat is het teken van het elitekorps en de kroon het teken van de verbondenheid met het Koninklijk Huis.

 

 

 

 

 Oorsprong 

Al tijdens de Bataafsche Republiek werd op 4 februari 1803 een besluit genomen tot oprichting van een compagnie marechaussee in het departement Brabant. Hierbij werd een voorbeeld genomen aan de franse gendarmerie die voortgekomen was uit de in 1337 opgerichte connétablie die onder het bevel stond van de Franse Connétable. Dit corps werd na de opheffing van het ambt van connétable in 1626 onder het bevel van de Maréchal de France gesteld en daarnaar herdoopt in maréchaussée. Dit corps maréchaussée ging in 1720 deel uitmaken van de in 1665 georganiseerde Franse gendarmerie. In de jaren 1787 en 1789 werd deze gendarmerie opgeheven. In 1790 volgde de marechaussée bij besluiten van 18 augustus en 22 september. Bij wet van 16 februari 1791 werd in plaats daarvan de Gendarmerie Nationale opgericht. Deze is dus eerder een opvolger van de maréchaussée van 1626 dan de van de gendarmerie van 1665. Het besluit van de Bataafse Republiek van 4 februari 1803 werd niet uitgevoerd maar in plaats daarvan werd op 1 october 1805 een bereden corps gens d’armes opgericht. Het corps was bedoeld als politiemacht en als dienst voor de convooien en licenten (= invoerrechten en accijnzen). Na de instelling van het Koninkrijk Holland op 24 mei 1806 werd het Bataafse corps gens d’armes op 18 juli 1806 onder het ministerie van Justitie gesteld en vervolgens op 7 september weer onder het ministerie van Oorlog. Op 7 september 1809 werd het corps gens d’armes opgeheven en vervangen door het corps Politiewacht te paard. Deze verdween bij de inlijving van het koninkrijk Holland bij het Franse Keizerrijk en werd tot de val van Napoleon vervangen door de Keizerlijke Gendarmerie. De naam Marechaussee is oorspronkelijk afkomstig uit Frankrijk, waar in de middeleeuwen maréchaussée een feodaal recht was: het recht van de heer om met hulp van zijn maréchal (paardenknecht, zie maarschalk) van zijn leenman gras en haver voor zijn paarden te vorderen. De taak van de maréchal groeide uit tot die van een militaire functionaris met eigen justitiële en politiële bevoegdheden. Zo kregen de maréchaux de France de leiding over cavalerie-eenheden die de openbare rust en orde in de Franse provincies moesten bewaken. Deze eenheden - maréchaussées geheten - werden tijdens de Franse Revolutie omgedoopt tot 'gendarmerie nationale'. In Nederland richtte Willem I bij Soeverein Besluit van 26 okt. 1814 een 'Corps Marechaussee' op, belast met de handhaving van de orde, het verzekeren van de uitvoering van de wetten en het waken over de veiligheid aan de grenzen en op de grote wegen. In vredestijd was de Koninklijke Marechaussee het eerste Rijkspolitiekorps, belast met de politiedienst ten plattelande (naast de in 1856 opgerichte Rijksveldwacht). In 1908 wijst koningin Wilhelmina de beveiligingstaak van de Koninklijke Paleizen toe aan de Koninklijke Marechaussee. Voorts verrichtte zij politiediensten bij de Krijgsmacht en vervulde taken op het gebied van de strategische beveiliging.

 Eerste Wereldoorlog 

Tijdens de mobilisatieperiode van 1914 - 1918 bestond de taak van de Marechaussee tijdelijk uit politietoezicht over het gemobiliseerde Nederlandse leger. In 1919 werd het Korps Politietroepen opgericht om de binnenlandse rechtsorde te handhaven en de demobilisatie in goede banen te leiden. De gemeentepolitie, het korps Politietroepen, de Rijksveldwacht en de Koninklijke Marechaussee vormden samen het politiebestel. Beiden vervulden de rijkspolitiediensten, een situatie die tot in 1940 zou voortduren.

 Tweede Wereldoorlog 

Op 5 juli 1940 verloor de Marechaussee het predikaat 'Koninklijke', want op last van de Duitse bezetter ging de Marechaussee op in de burgerpolitie, waarmee het tevens de militaire status verloor. De Rijksveldwacht en Gemeenteveldwacht werden opgeheven en ondergebracht bij de Marechaussee, waardoor buiten de steden één Rijkspolitiekorps ontstond onder de naam Marechaussee. Buiten Nederland bleef de 'Koninklijke Marechaussee' bestaan, nadat ruim 300 marechaussees, afkomstig uit het zuiden van het land, erin geslaagd waren in mei 1940 naar Groot-Brittannië uit te wijken. Deze marechaussees verzorgden tijdens de bezetting onder meer de beveiliging van de Koninklijke familie in Engeland en vervulden politiewerk bij de Prinses Irenebrigade.

 Naar een zelfstandige status 

Na de bevrijding in 1945 kreeg de marechaussee de status ‘Koninklijke’ weer terug. Net als de status militair politiekorps, met zowel militaire als civiele taken. Daarnaast werd in 1946 het Korps Rijkspolitie opgericht die de op het platteland de orde moest handhaven. Dit korps verving de oude Rijksveldwacht en Gemeente- veldwacht. Het Korps rijkspolitie is in 1994 opgeheven en maakte plaats voor de regionale politie en het Korps Landelijke Politiediensten. De politie- en beveiligingstaken op de burgerluchtvaartterreinen zijn toen door de Rijkspolitie overgedragen aan de Marechaussee. In Nederland is de KMAR een politieorganisatie met een militaire status, die naast de Koninklijke Landmacht, Luchtmacht en Marine, het vierde krijgsmachtdeel van de Nederlandse krijgsmacht vormt.

 Politiewet 

De politietaken van de Koninklijke Marechaussee zijn in 1988 vastgelegd in de Politiewet. Het Korps Rijkspolitie is in 1994 opgeheven. Het maakte plaats voor de regionale politie en het Korps Landelijke Politiediensten (de huidige Nationale Politie). De Rijkspolitie droeg de politie- en beveiligingstaken op de burgerluchtvaartterreinen toen over aan de Koninklijke Marechaussee. Op 3 juli 1956 werd prinses Beatrix benoemd tot Schutsvrouwe der Koninklijke Marechaussee. Zij opende in 1998 een nieuw stafgebouw van de marechaussee, de Koningin Beatrixkazerne in Den Haag. In 1998 werd de Koninklijke Marechaussee een zelfstandig krijgsmachtdeel. Een wijziging in de Politiewet moest in 2007 duidelijk maken hoe de marechaussee mag optreden richting burgers. De marechaussee kreeg volledige opsporingsbevoegdheid, maar bleef zich richten op de eigen marechausseetaken.

 Taken in binnen- en buitenland 

De marechaussee is in Nederland en wereldwijd veelzijdig inzetbaar voor veiligheid, juist als het erop aankomt. Zij wordt ingezet op plaatsen van strategisch belang. Van luchthavens tot paleizen in Nederland. Van de buitengrenzen van Europa tot oorlogs- en crisisgebieden. Ook treedt de marechaussee op als politie voor Defensie. 

 
 
 
 Militaire politietaak 

 De Nederlandse Staat heeft groot belang bij de integriteit en het correct functioneren van de krijgsmacht. De marechaussee treedt op als politie voor alle Defensieonderdelen, zoals de marine, landmacht en luchtmacht. Zo onderzoeken marechaussees bijvoor- beeld strafbare feiten gepleegd door militairen (ook als militairen die in hun vrije tijd plegen). Ze escorteren colonnes, houden verkeerscontroles en voeren patrouilles uit. 

 

 

 

 Grenspolitie 

De marechaussee treedt op als grenspolitie. Zij controleert het grensverkeer van personen en bestrijdt vormen van criminaliteit die zich niet laten tegenhouden door grenzen. Op alle plaatsen waar dit voor de Nederlandse Staat van belang is. Dit gebeurt in Nederland en aan de Europese buitengrenzen.

 Bewaken en beveiligen 

De marechaussee zorgt voor het ongestoord kunnen functioneren van belangrijke objecten en personen die van vitaal belang zijn voor de Staat. Zij beveiligt de leden en paleizen van het Koninklijk Huis, politici en diplomaten. De organisatie beschermt de burgerluchtvaart tegen terrorisme en begeleidt waarde transporten van De Nederlandsche Bank.

 Bijstand openbare orde en veiligheid 

De bijstandseenheid van de marechaussee handhaaft de openbare orde als inzet van de Mobiele Eenheid niet meer voldoende is. Bijvoorbeeld bij grof geweld of grote dreiging. Wereldwijd ondersteunt de eenheid lokale politiekorpsen na een ramp of conflict.

 Brigade Speciale Beveiliging 

De Brigade Speciale Beveiligingsopdrachten (BSB) is een speciale eenheid van de Koninklijke Marechaussee die behoort tot de special forces van Nederland. De eenheid heeft verschillende taken, waaronder het fungeren als arrestatieteam, observatieteam en het beschermen van personen in risico-omgevingen/gebieden of levensgevaar. De BSB is opgericht als brug tussen de Bijzondere Bijstands Eenheid (BBE) van het Korps Mariniers en het arrestatieteam van de politie. De BSB is naar het model van de Duitse GSG9(Grenzschutz Gruppe 9) geformeerd. De BSB, die deel uitmaakt van de marechaussee en dus een militaire organisatie is, bestaat enkel uit militairen. Deze worden geworven uit de eigen gelederen van de marechausssee, regiopolitie en diverse speciale defensie-eenheden (oa. Korps Commandotroepen, Korps Mariniers en 11 Luchtmobiele Brigade). Alle BSB'ers volgen de BSB-opleiding en daarna verdere specialisatie (OT, AT ed). Ook volgen de kandidaat BSB'ers die niet bij de KMar of politie vandaan komen de opleiding tot Algemeen Opsporingsambtenaar. De officiële functie benaming is; "wachtmeester bijzondere opdrachten" (dan wel de van toepassing zijnde rang). De BSB zal in alle gevallen als eenheid optreden en nooit naar buiten treden als individu. Uit bescherming van de persoonlijke levenssfeer van haar leden, doet de BSB nooit uitspraken over personalia.

 Recherche 

Rechercheurs van de marechaussee onderzoeken strafbare feiten. Bijvoorbeeld mensensmokkel en mensenhandel maar ook strafbare feiten gepleegd door militairen. Ook leveren rechercheurs van de marechaussee zeer regelmatig steun aan de politie. Bijvoorbeeld bij onderzoeken van nationaal belang of waarbij speciale kennis nodig is.

 Politiewerk Caribisch gebied 

In het Caribisch deel van Nederland is de marechaussee een onmisbare speler voor de veiligheid. Ze verricht politietaken voor militairen. En in sommige gevallen voor burgers. Daarnaast bewaakt de marechaussee de grenzen en ondersteunt bij vreemdelingentoezicht. En bestrijdt zware geweldsmisdrijven en drugs- en migratiecriminaliteit.

 Politiemissies 

Bij missies in het buitenland gaan marechaussees mee als politie. Ze behandelen onder meer overtredingen en ongelukken waar militairen bij zijn betrokken. De marechaussee kan ook meedoen aan politie- missies. Tijdens zo’n missie helpen ze met de wederopbouw van de lokale politie in het missie- gebied. Ze trainen en adviseren de functionarissen. Een van de grotere missies de afgelopen jaren was de politietrainingsmissie in Afghanistan. Van 2011 tot 2013 trainde Nederland zo’n 700 politieagenten in de provincie Kunduz. In juli en augustus 2014 zette Defensie de marechaussee voorts in tijdens de repatriëringsmissie in Oekraïne.

 Ceremonieel 

De marechaussee voert ook ceremoniële taken uit. Ze is dan het visitekaartje van Nederland. Bijvoorbeeld bij de ontvangst van een buitenlands staatshoofd op een Nederlands vliegveld. Marechaussees vormen dan een erehaag bij het vliegtuig. Ook voeren marechaussees ere-escortes uit met motoren om de voertuigen van buitenlandse staatshoofden te begeleiden.

 Inzet voor verschillende ministeries 

Het gezag bepaalt hoe en wanneer de Koninklijke Marechaussee wordt ingezet. Het gezag over de marechaussee ligt bij verschillende ministeries. Afhankelijk van de taak zijn dat de ministeries van:

 • Veiligheid en Justitie (inclusief het Openbaar Ministerie en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid) 

 • Buitenlandse Zaken

 • Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties

 • Defensie